ESEspañol – Cesárea (parto quirúrgico)

El parto quirúrgico también se conoce como cesárea. En el parto quirúrgico, el médico o la médico efectúan un corte en el vientre de la madre para sacar al bebé.

A veces, la cesárea se programa de antemano. En estos casos, ya se sabe que el parto será por cesárea, por ejemplo porque la cabeza del bebé no está orientada hacia abajo o porque es demasiado grande para la pelvis de la madre.

Pero también puede ser que durante el parto surjan problemas que supongan un riesgo para usted o para el bebé y requieran una cesárea.

Las cesáreas de emergencia (por ejemplo, por peligro inminente para la vida de la madre o el bebé) son poco frecuentes.

01 11bis bevalling keizersnede 12 2017 01

En caso de cesárea programada deberá usted acudir al hospital por la mañana. En las seis horas anteriores, al menos, no deberá haber comido ni bebido. En el hospital se preparará para la operación, por ejemplo poniéndose una bata de hospital, quitándose las joyas y desmaquillándose.

El anestesista o la anestesista le pondrá una anestesia epidural. Esta consiste en una inyección en la parte baja de la espalda, para lo cual podrá estar usted sentada o tumbada. A veces se deja conectado a la aguja un pequeño tubo para poder añadir anestesia más tarde sin necesidad de una nueva inyección.

Durante la cesárea podrá estar usted acompañada por su compañero o compañera o por la persona que elija. El médico o la médico efectuará un corte en el vientre justo encima del vello púbico. No sentirá usted dolor, pero sí notará que la están operando.

Después, el médico o la médico sacará al bebé y cortará el cordón umbilical. Un pediatra examinará al bebé. El médico o la médico volverá a cerrar el corte realizado en el vientre de la madre. Toda la intervención puede durar hasta una hora aproximadamente.

En caso de cesárea de emergencia:

  • se utiliza anestesia general en lugar de una anestesia epidural (local)
  • no podrán acompañarla ni su compañero o compañera ni ninguna otra persona.

 

 

181 epidurale verdoving
NLNederlands – Keizersnede (chirurgische bevalling)

Een chirurgische bevalling wordt ook wel keizersnede genoemd. Tijdens een chirurgische bevalling maakt de dokter een snede in de buik van de vrouw om de baby eruit te halen.

Soms is de keizersnede gepland. In dit geval weet u al dat u een keizersnede krijgt; bijvoorbeeld als de baby niet met het hoofd naar beneden ligt of te groot is voor het bekken.

Het is ook mogelijk dat zich problemen voordoen bij de geboorte, die een risico voor u en de baby vormen. Dan is een keizersnede nodig.

Er is maar zelden een noodsituatie waarbij een keizersnede direct nodig is. Bijvoorbeeld als er levensgevaar is voor u of uw baby.

01 11bis bevalling keizersnede 12 2017 01

Bij een geplande keizersnede gaat u 's morgens naar het ziekenhuis. U mag minstens zes uur vooraf niets eten en niets drinken. U wordt voorbereid op de operatie; bijvoorbeeld door ziekenhuiskleding aan te trekken, sieraden af te doen en make-up te verwijderen.

De anesthesist geeft u ter verdoving een peridurale anesthesie (PDA). Dit is een injectie in de onderrug. U kunt deze injectie zittend of liggend krijgen. Soms wordt ook een kleine slang ingebracht via de injectiespuit, om u meerdere malen verdovende stoffen te kunnen geven.

Tijdens de keizersnede kan uw partner of een andere persoon van uw keuze bij u blijven. De dokter maakt een snede in de buik, direct boven het schaamhaar. U voelt geen pijn, maar u voelt wel dat u wordt geopereerd.

De dokter haalt de baby naar buiten. De navelstreng wordt doorgeknipt. De baby wordt door een kinderarts opgevangen en onderzocht. Dan wordt de snede in de buik van de moeder weer gesloten. De hele ingreep duurt maximaal een uur.

Als bij u vanwege een noodsituatie een keizersnede plaatsvindt,

  • krijgt u een volledige narcose in plaats van een (lokale) peridurale anesthesie (PDA)
  • en kan uw partner of iemand anders er niet bij zijn.
181 epidurale verdoving