De vruchtbare dagen van een vrouw
Een vrouw is ongeveer zes dagen per cyclusvruchtbaar. In deze periode kan ze zwanger worden: In de dagen rond de eisprong kan de eicelbevrucht worden en ontstaat een zwangerschap. Zaadcellen kunnen ongeveer vijf dagen overleven in de baarmoeder of eileiders. Daarom kan een vrouw ook zwanger worden als ze een paar dagen voor de eisprong of een dag erna seks heeft.
Wanneer vindt de eisprong precies plaats?
Het is moeilijk om precies te bepalen wanneer de eisprong plaatsvindt. De cyclus van een vrouw kan tot 35 dagen duren. Dit kan van maand tot maand verschillen. Veel vrouwen hebben een eisprong rond de 14e dag van de cyclus. Maar dit kan bij elke vrouw en ook van maand tot maand verschillen.
De eisprong kan dus niet precies worden voorspeld. Het bepalen van de eisprong alleen door rekenen en tellen is daarom erg onzeker.
Drie tekenen van de eisprong
1. Lichaamstemperatuur bij het wakker worden
Meet je lichaamstemperatuur elke ochtend zodra je wakker wordt, dus nog voordat je uit bed stapt. Dit is de basis-lichaamstemperatuur. Kort na de eisprong stijgt deze met ongeveer 0,2 tot 0,5 graden Celsius. De temperatuur daalt na ongeveer 14 dagen – met het begin van je menstruatie (ongesteldheid). Je basis-lichaamstemperatuur geeft aan dat je een eisprong hebt gehad. Maar je weet daarmee nog niet precies wanneer je eisprong was.
2. Meer afscheiding uit de vagina
De ingang van de baarmoeder wordt op de meeste dagen afgeschermd door dik slijm. Het lijkt een beetje op eiwit en is taai. Dit slijm lost pas kort voor de eisprong op. Je kunt het dan voelen bij de ingang van de vagina (schede).
3. De baarmoederhals is zacht
Je kunt je baarmoederhals voelen met je vinger in je vagina. Aan het begin van de cyclus is deze gesloten en voelt stevig aan. In de vruchtbare periode is deze zacht en licht geopend.
The woman's fertile days
A woman is fertile for around six days in every menstrual cycle. During this time she can get pregnant: in the days before and after ovulation, the egg cell can be fertilised, resulting in pregnancy. Sperm cells can survive in the uterus or Fallopian tube for around five days. So a woman can get pregnant if she has sex a few days before ovulation or on the day following it.
When exactly does ovulation take place?
It is difficult to know exactly when ovulation takes place. A woman’s cycle can be up to 35 days. It may vary from month to month. For many women, ovulation takes place around the 14th day of the cycle. But it can vary from woman to woman and from month to month.
So ovulation cannot be predicted accurately. Determining ovulation only by calculating and counting is therefore very uncertain.
Three signs of ovulation
1. Body temperature when you wake up
Measure your temperature every morning as soon as you wake up and before you get out of bed. This is your basal temperature. Just after ovulation, it rises by around 0.2–0.5 degrees Celsius. Your temperature falls after around 14 days, when your menstrual period (menstruation) starts. Your basal temperature tells you that you have ovulated, but it doesn’t tell you exactly when ovulation occurred.
2. Increased vaginal discharge
On most days, the entrance to the uterus is blocked by a stretchy mucus. It looks a bit like egg white and is stretchy. This mucus only dissolves just before ovulation. You can then feel it at the entrance to the vagina.
3. The cervix is softer
You can feel your cervix inside your vagina with your finger. At the beginning of your cycle, it is closed up tight and feels hard. During your fertile period, it is soft and slightly open.